Juf Anke lesidee groep 3 4 5 taal rekenen spelling lezen thematisch werken gouden weken start schooljaar



facebook juf Anke



De sociaal-emotionele ontwikkeling

Prachtige boeken met een boodschap

Op internet ontdekte ik de prentenboeken van Rachel Bright en Jim Field. Prentenboeken met niet zomaar een verhaal, maar boeken die kinderen iets mee willen geven. Een boodschap, een stukje vertrouwen ...
Ik was heel benieuwd naar deze boeken en vertel je er hier meer over:


De leeuw in de muis - dapper zijn

Onder een rots woont een piepkleine muis. Hij is zo klein en piept zo zacht dat de andere dieren hem niet opmerken en soms op hem gaan staan en gaan zitten. Wat vervelend! Bovenop de rots ligt een leeuw. Een heel stoere, trotse leeuw. Hij brult en laat zijn tanden zien. Iedereen ziet hem, iedereen hoort hem en iedereen bewondert hem. Wat zou de kleine muis dat ook graag willen! Kleine muis bedenkt dat hij moet leren grommen. Dan ziet iedereen hem staan. Maar hoe leer je echt grommen? Juist, van een leeuw. Kleine muis zal naar de leeuw moeten gaan, maar eigenlijk durft hij dat helemaal niet. Hij komt uit zijn schaduw en gaat op pad. Nog nooit heeft hij zoiets dappers gedaan. Als de muis bij de leeuw is en de leeuw hem opmerkt, schrikt hij zich rot. Een muis! De leeuw is bang van muizen. Hij schreeuwt en maakt zich klein. Op dat moment voelt de muis zich groot en trots. Je hoeft niet te brullen om iets te bereiken en niet te grommen om sterker te lijken. Je bent niet meer waard als je groot bent en brult.

Ieder mens, ieder dier heeft in zijn binnenste alles in huis: een angstige leeuw en een dappere muis.

Laat maar los, Koala - iets nieuws proberen

Tevreden hangt kleine koala in zijn boom. Hij dut, hij droomt en hij dommelt wat, dag in dag uit. Beneden springt alles wat poten heeft wild in het rond. De tak van koala voelt veilig en vertrouwd. Iets nieuws uitproberen? Voor geen goud! Af en toe vraagt er wel eens iemand 'speel je mee?', maar koala schudt altijd nee. Tot op een dag de boom om dreigt te vallen. Alle dieren staan onder de boom en roepen naar koala: 'Loslaten kleintje, wij zullen je vangen!' Maar koala houdt zich alleen maar steviger vast. Uiteindelijk valt hij en wordt door de andere dieren opgevangen. Voorzichtig laat hij zijn nageltjes los. Wat voelt dat als een opluchting! Wombat vraagt of koala mee wil spelen en deze keer antwoordt hij: 'Ik wil, ik durf en ik kan!'

Het is leuk om iets nieuws te proberen.

Twee vechtende eekhoorntjes - samen delen

Bij Twee vechtende eekhoorntjes schreef ik met Els een project voor Kleuteruniversiteit. Dit project gaat over vriendschap.

De winter komt eraan in het bos. Eekhoorn Eduard wil daar nog niets van weten. Hij leeft met de dag en maakt plezier. Hij legt geen wintervoorraad aan, zoals zijn neefje Reinier heeft gedaan. Hij is al weken druk bezig met het vullen van zijn hol. Op een dag ziet Eduard een lekkere denappel. Die is voor hem, denkt hij. Maar Reinier denkt daar hetzelfde over. Eduard wordt boos. Hij heeft recht op die laatste denappel, want hij heeft nog niets! De neefs krijgen ruzie. Ze gaan vechtend achter de denappel aan. Tot ze in een waterval terecht komen en moeten vechten voor hun leven. Ze helpen elkaar op de kant en ineens lachen ze zich slap. Zoveel ruzie om een denappel! De volgende keer helpen ze elkaar en vechten niet meer. Sindsdien zijn de neefs vrienden en maken samen plezier.

Je bereikt meer als je elkaar helpt.
Plezier moet je delen.

Wolfje wil naar huis - sterk zijn

Wolfje wil naar huis is het nieuwste boek van Rachel Bright en Jim Field.
Het is een ijskoude nacht. De kleine Wolfje, een welp, huilt lang en hard. Hij is dan nog wel klein, maar hij kent geen angst. Hij weet niet van stoppen. Hij wil graag groot zijn! Wolfje voelt zich sterk en stoer. Hij jaagt, hij plaagt en hij ligt op de loer. Als de roedel op zoek moet gaan naar een slaapplek, zegt Wolfje stoer dat hij wel voorop gaat. Maar nee, dat mag hij nog niet. Hij is nog te klein. Wolfje loopt achter de roedel aan. De tocht is lang en zijn lijfje wordt moe. Hij verliest de groep in een sneeuwstorm. Wolfje blijft alleen achter. Met de hulp van heel veel andere dieren komt hij uiteindelijk weer thuis. Wat is dat fijn! Wolfje kruipt dicht tegen zijn moeder aan en laat zich door iedereen vertroetelen. Hij is nog niet groot en dat voelt best fijn!

Wat zijn de illustraties bij Wolfje wil naar huis ontzettend mooi! Het verhaal speelt zich deels 's nachts af en die nacht is zo mooi weergegeven. Het lijkt of de sterren fonkelen, de maan straalt en de zon echt opkomt. Prachtig!

Je hoeft niet meteen alles te kunnen, sterk en stoer te zijn.
Af en toe is even klein zijn best fijn!

De boeken van Rachel Bright zijn op rijm geschreven en prachtig vertaald door Bette Westera. De woordkeuze is geweldig en in sommige boeken zit een leuk woordgrapje. Elk verhaal eindigt met de boodschap die de schijfster mee wil geven.
De illustraties van Jim Field zijn fantastisch! De uitdrukkingen op de gezichten van de dieren zijn heel treffend en ook de sfeer van de illustraties past helemaal bij het verhaal. Deze mooie boeken moet je gewoon gebruiken in je klas. Ze zijn perfect als inleiding op onderwerpen als onzekerheid, angst, vertrouwen en vriendschap.

Filosoferen met kinderen

Iedereen kan filosoferen. Al klinkt het misschien moeilijk, jij kan het ook. Het is een aangeboren behoefte om te willen weten hoe het leven in elkaar zit. Kinderen stellen niet voor niets honderden waaromvragen. Je kunt dus ook met jonge kinderen al aan het filosoferen gaan. Hun redeneringen zijn vaak ontroerend, origineel, creatief en ook verbazingwekkend slim.

Het mooie van filosoferen is dat je er, behalve je hoofd, verder niets voor nodig hebt. Zelfs geen kennis. Het hebben van weinig kennis is zelfs een voordeel, want dan kun je zelf bedenken hoe iets in elkaar zit.

Filosoferen is een bijzondere manier om een (kring)gesprek invulling te geven. Kinderen vergroten hierbij hun woordenschat en de mondelinge taalvaardigheid groeit. Ook leren ze beter naar elkaar luisteren, vragen aan elkaar te stellen, onder woorden te brengen wat ze denken, eigen ideeën te uiten en een mening te formuleren. Doordat kinderen elkaar op een andere manier leren kennen, ontstaat er meer begrip voor elkaar. En het leuke is, bij filosoferen is alles goed. Foute antwoorden bestaan niet.
Uit: Praatplaatjes van Fabien van der Ham

Filosoferen begeleiden

Als je aan de slag gaat met filosoferen met jonge kinderen is het belangrijk dat je de juiste vragen weet te stellen en door kunt vragen. Wat deze vragen zijn, lees je verderop. Zelf neem je geen deel aan het gesprek. Je stelt alleen de vragen en geeft beurten. Je neemt een nieuwsgierige houding aan. Realiseer je dat je zelf net zo min precies weet hoe het leven in elkaar steekt en dat je niet alle antwoorden paraat kunt hebben.

Vragen stellen

Wat zijn nu de juiste vragen als je wilt gaan filosoferen? Filosofische vragen zijn vragen waar geen eenduidig antwoord op te geven valt. Uiteindelijk komt het antwoord neer op een mening, maar je kunt die mening wel proberen goed te onderbouwen. Filosoferen kun je over alles wat er maar bestaat. Je kunt zelfs filosoferen over wat er niet bestaat. Het kan gaan over liefde, dieren, God, kunst, wetenschap, spelletjes, ouders, machines en woorden. Je kunt het zo gek niet bedenken of je kunt er filosofische vragen over bedenken. Wat dacht je van: 'zijn je ouders de baas over jou?' Op het eerste gezicht zeg je misschien ‘ja’, maar wat gebeurt er als je ouders vinden dat je in de sloot moet springen, mag je zelf dan je eigen baas zijn? Hmm, dan ben je misschien toch ook een beetje je eigen baas... Ingewikkeld!

Enkele voorbeelden van vragen:
- Kun je de baas over iemand zijn?
- Kunnen dieren denken?
- Waar was je voordat je geboren werd?
- Als de juf je iets vraagt waar je geen zin in hebt, moet je het dan toch doen?
- Heeft een vlieg gevoel?
- Wat is werk?
- Kan een robot denken?
- Wie is de baas van het heelal?
- Wanneer ben je klaar met leren?

Nadat je een vraag gesteld hebt, kun je het gesprek verdiepen door door te vragen.

Praatprikkels

Benieuwd naar nog meer vragen om over te filosoferen ging ik op zoek naar materiaal. Ik vond de Praatprikkels van filosofiejuf Fabien van der Ham.
--> Bekijk Praatprikkels (voor kinderen vanaf 6 jaar)

Op de vlucht

Dit schooljaar kreeg ik een vluchteling in de groep. Dit was nieuw bij ons op school. Vol spanning wachtten we wat en vooral wie er komen ging. Sommige kleuters keken ernaar uit en wilden dit nieuwe kind met alles helpen, anderen vonden het spannend en vonden het maar gek, een 'donker' kindje in de groep. Om de kinderen erop voor te bereiden, ging ik op zoek naar een prentenboek over dit onderwerp. Ik vond Op de vlucht van Pimm van Hest en Aron Dijkstra. Op de vlucht vertelt een indrukwekkend verhaal dat aanleiding geeft tot een gesprek.

Je kunt niet langer blijven
Hier is jouw thuis niet meer
Je vlucht en kijkt nog een keer om
Voor de laatste keer?

Alles achterlaten
Maar knuffel neem je mee

Knuffel houdt je warm
Knuffel geeft je kracht

Midden in de nacht

Midden op de zee
Uit: Op de vlucht

Ademloos luisterden mijn kleuters naar Op de vlucht. Het was muisstil in de groep. Hoewel het boek beter aansluit bij wat oudere kinderen, begrepen de kleuters door de sfeer van de illustraties goed waar dit verhaal over ging. Het is dan ook ontzettend mooi en aangrijpend geschreven.

Op de vlucht gaat over een meisje dat in een land woont waar het oorlog is. Ze voelt zich niet meer veilig en vlucht. In een bootje gaat ze de zee op. In het land waar ze aankomt, is alles nieuw. Een nieuwe taal, ander eten, andere mensen. Vreemden die je welkom heten, 'fijn om jou te zien' of met boze blikken 'Ik wil je hier niet zien'. Van deze laatste zinnen kreeg ik kippenvel en ook de kinderen greep dit aan. Waar ze voor het voorlezen van dit verhaal niet zo positief reageerden, waren ze daarna om: 'Dit kindje is welkom bij ons', 'Ik ga een tekening voor hem maken!'.

Pimm van Hest heeft het verhaal zo mooi geschreven. Met poëtische zinnen laat hij zien hoe het leven voor een vluchteling is. De illustraties maken, samen met de prachtige tekst, dat je af en toe echt even stil bent.

Creatieve opdracht - thema vriendschap

Wij passen bij elkaar!
Print voor elk kind een leeg puzzelstuk. De kinderen tekenen hier zichzelf op (in het geheel of alleen het gezicht). De tekeningen worden ingekleurd of geverfd. Hang de werkjes daarna als één grote puzzel op in het lokaal en hang er een mooie spreuk boven zoals: wij passen bij elkaar!
--> Download het puzzelstuk

Groepjes maken - kaartjes voor samenwerkend leren

Handige kaartjes voor het maken van groepjes. Met deze kaartjes vorm je snel tweetallen, drietallen of viertallen. De kinderen gaan op zoek naar hun 'maatje(s)'. Het toeval bepaalt bij wie ze in het groepje komen. De groepjes zullen elke keer van samenstelling verschillen.
Print de kaartjes dubbelzijdig, knip ze uit en lamineer ze. Leg ze in je lokaal, zodat je ze altijd kunt gebruiken.

--> Download de kaartjes 'groepjes maken'

Hooggevoeligheid

Onderzoekers gaan ervan uit dat 1 op de 6 mensen hooggevoelig is. Misschien geldt dat ook wel voor jou en vast en zeker voor één of meerdere kinderen uit je groep. Hooggevoeligheid is een eigenschap die aangeboren en erfelijk is. Bij hooggevoelige of hoogsensitieve kinderen lijkt het of de zintuigen iets beter werken dan bij anderen. Harde geluiden klinken oorverdovend, licht is fel, kleding kriebelt vaak en een vies geurtje ruikt nog sterker. Het is alsof de zintuigen meer opmerken dan die van andere mensen. Daarnaast zijn er nog andere kenmerken die bij hooggevoelige kinderen passen:
- ze trekken zich sommige dingen erg aan en vinden dingen wat eerder eng dan anderen. Dat komt doordat ze er wat meer bij voelen.
- ze voelen met anderen mee en willen graag dat iedereen zich fijn voelt.
- ze voelen sfeer en stemmingen goed aan.
- ze zijn opmerkzaam en zien dingen die anderen niet direct opvallen.
- ze houden niet zo van drukte. Gillende kinderen in de gymzaal, een drukke markt. Het liefst blijven ze een beetje aan de kant.
- ze kunnen slecht tegen dingen die niet eerlijk zijn.
- ze kunnen erg opzien tegen dingen die ze nog nooit hebben gedaan. Het maakt ze onrustig.
- ze zijn voorzichtig en vermijden gevaar.
- ze kunnen genieten van iets moois, zoals muziek, schilderijen of een mooi theaterstuk.

Zo zijn er nog meer kenmerken die passen bij hooggevoelige kinderen. Niet alle kenmerken hoef je in hetzelfde kind terug te vinden. Ook wanneer een paar kenmerken bij hem passen, kan het kind al hooggevoelig zijn.

Kinderen die hooggevoelig zijn, krijgen veel prikkels te verwerken. Dit kost ze veel energie. De energie is eerder op dan bij andere kinderen. Ze raken overprikkeld. Lees hier meer over op de pagina over gedrag. Geef deze kinderen de mogelijkheid zich terug te trekken, even een rustig plekje op te zoeken of iets anders doen. Hierdoor worden ze weer rustig.

Uit: Fenne en het danskamp

Leestip! Fenne en het danskamp

Josina Intrabartolo schreef een boek over hooggevoeligheid, speciaal voor kinderen. Het verhaal gaat over Fenne. Fenne zit al heel wat jaren op ballet. Ze geniet ervan en kan helemaal opgaan in de muziek. Op haar slaapkamer heeft ze een schilderij hangen van een ballerina. Niet iedereen snapt wat ze hiermee moet, maar Fenne vindt het prachtig. Het was haar mooiste verjaardagscadeau ooit.

Na één van haar balletlessen vertellen de juffen enthousiast dat ze een leuke mededeling hebben: de groep mag meedoen aan een wedstrijd in België en omdat het een eindje rijden is, blijven ze er twee nachten slapen. Alle meiden barsten in juichen uit, maar Fenne krijgt een knoop in haar maag. Ergens anders slapen? Dat vindt ze super spannend!

In Fenne en het danskamp lees je hoe het verder gaat met Fenne. Zou ze mee op kamp durven gaan? Hoe verloopt de danswedstrijd?
De schrijfster heeft veel kenmerken van hooggevoelige kinderen in het verhaal verwerkt. Het diep nadenken over dingen, spanning voor het onbekende, het overprikkeld raken en op tijd rust willen nemen, niet tegen harde geluiden kunnen, bang zijn voor een spooktocht in het bos, enorm kunnen genieten van kunst en muziek, jezelf anders voelen, opmerkzaam zijn en gevoelig zijn voor sfeer.
In de balletgroep van Fenne zit ook een meisje met een totaal tegengesteld karakter aan dat van haar: Jasmijn. Jasmijn is luidruchtig, druk, brutaal, nergens bang voor, jaloers en lijkt heel zelfverzekerd. Al doet Jasmijn nog zo naar, Fenne komt voor haar op als ze het moeilijk heeft en zoekt een oplossing wanneer er een conflict ontstaat. Hierin zie je weer een eigenschap van een hooggevoelig meisje: anderen aanvoelen, een fijne sfeer willen creëren en het anderen naar de zin maken. '

Fenne en het danskamp is een heel mooi verhaal voor kinderen die hooggevoelig zijn. Zij zullen zich hier echt in herkennen. Ze zullen het gevoel krijgen dat ze niet alleen zijn, dat het niet erg is om soms anders te zijn en dat er heel veel meer mensen zijn die zich hetzelfde voelen. Daarbij worden handvatten gegeven om met lastige situaties om te gaan en laat het verhaal kinderen zien dat je soms gewoon iets nieuws moet proberen, ook al vind je het eng.

Ook voor andere kinderen is het verhaal geschikt om te lezen. Ik vind het echt een mooi verhaal en anderen herkennen er misschien een vriendin of klasgenootje in.

Achterin het boek vind je informatie over hooggevoeligheid. Er wordt hier verwezen naar stukken uit het verhaal, waar uitleg bij gegeven wordt. De informatie is naar het kind toe geschreven en ook interessant voor de volwassene.

Fenne en het danskamp
Josina Intrabartolo
Uitgeverij Scrivo Media
2018

Van dezelfde auteur is ook het boek Ridder Zeldenmoed verschenen. Een boek over (hoog)gevoeligheid met ook hierin achterin wat meer informatie voor kinderen en ouders.